|
 |
VNV-jaarverslag 2004 |
ALGEMEEN
Het aantal leden nam toe met 94, terwijl het aantal
geassocieerde leden toenam met 21. Het totaal aantal leden – inclusief
geassocieerde leden – steeg in 2004 met 105.
Ledenbestand per 31-12-2004
| KLM: 2.028 |
KLS: 12 |
Schreiner: 47 |
| Martinair: 323 |
Transavia: 336 |
Holland Exel: 46 |
| Air Exel: 45 |
Denim Air: 86 |
VNV-NA: 72 |
Mutaties bestuur
Het huidige presidentieel team De Vries/Van Zwol ging binnen de
bestuurstermijn 2003-2005 het tweede jaar in en gaf in december 2004 aan
niet voor een derde termijn beschikbaar te zijn.
René de Groot besloot per 1 januari 2004 zijn bestuurslidmaatschap te
beëindigen, Jan-Jaap Hartog had zijn bestuurswerkzaamheden al eerder
gestopt, maar was begin 2004 nog
op projectbasis beschikbaar om een aantal zaken af te ronden.
Steven Verhagen werd bereid gevonden voor KLM-zaken in het bestuur zitting
te nemen.
Pierre Isenia, voorzitter VNV-NA, nam het stokje over van Anthony Smeets.
Dat betekent dat de samenstelling van het bestuur eind 2004 er als volgt
uitzag:
Dagelijks bestuur:
Henk de Vries, president
Evert van Zwol, vice-president
Joop Sint Jago, secretaris
Renault Bosma, penningmeester/vliegtechnische zaken
Hans Tettero, algemene zaken
Overige bestuursleden:
Karel Merks, Martinairzaken
Walter Nootebos, KLM-zaken
Peter Smit, Transaviazaken
Erik Stassen, Air Holland/Holland Exel, Schreiner, Air Exel,
Denim Air, KLS
Carl Vlooswijk, Internationale zaken
Jur Volkers, Professionele zaken
Pierre Isenia , bestuurslid VNV-NA
Steven Verhagen, bestuurslid KLM-zaken |

Toegetreden tot het bestuur in 2004:
Steven Verhagen
|
VNV-staf
|

Na zestien jaar VNV gaat secretariaats-medewerkster Gudrun Bens met
pensioen.
|
De VNV-staf bestaat uit de algemeen
secretaris, drie arbeidsvoorwaardelijk en juridisch adviseurs, de
administrateur, de eindredactrice Op de Bok, zes
secretariaatsmedewerksters, twee huismeesters (beiden op parttime
basis) en een kantinemedewerkster.
Gudrun Bens – sinds oktober 1988 in dienst van de VNV als
secretariaatsmedewerkster – geniet vanaf 1 oktober 2004 van haar
welverdiende pensioen na zestien jaar trouwe dienst bij de VNV.
De juridische afdeling werd versterkt met mevr. Annemarieke Schulte.
De algemeen secretaris is onder verantwoordelijkheid van het dagelijks
bestuur hoofd van het secretariaat waaronder de volgende
verantwoordelijkheden vallen: |
• organisatie van het secretariaat;
• arbeidsvoorwaarden secretariaatsmedewerkers;
• beperkt financieel beheer m.b.t. eigen takenpakket;
• beheer gebouw;
• ledenadministratie/werving;
• ondersteuning van commissies/project- en werkgroepen;
• ledenondersteuning;
• interne coördinatie tussen VNV-geledingen;
• jaarverslag;
• interne communicatie;
• uitvoeren/toezien op statutaire procedures;
• sociale activiteiten;
• loss of license-verzekeringen.
De arbeidsvoorwaardelijk en juridisch adviseurs houden zich bezig met:
• individuele belangenbehartiging, met name toegespitst op juridische
kwesties;
• collectieve belangenbehartiging als adviseur of lid van een
onderhandelingsdelegatie, en zijn lid
of adviseur in VNV/IFALPA-commissies;
• adviseur aan het bestuur op juridisch gebied, met name ook de grote,
collectieve juridische
rechtszaken waarbij de VNV is betrokken.
Kantoorautomatisering
Er werd een projectgroep kantoorautomatisering in het leven geroepen om de
kantoorautomatisering verder professioneel vorm te geven. Met name is
gekozen voor invoering van een digitaal archiefsysteem (Decos).
Ledenraad
De ledenraad is in de oorspronkelijke vorm elf keer bijeen geweest. Er
werden geen extra ledenraadsvergaderingen uitgeschreven.
Op de VNV-website wordt maandelijks de persoonlijke aanwezigheid van
ledenraadsleden bijgehouden.
In de decembermaand is voor het eerst vergaderd conform de nieuwe
statuten. Zie hiervoor verder onder hoofdstuk 3.
Gedurende het verslagjaar zijn door de ledenraad tot en met november 55
moties besproken. Dit resulteerde in 46 resoluties. Door raadsleden werden
geen initiatiefmoties ingediend. Tevens werden er vijf nota’s behandeld
over onder andere de stand van zaken met betrekking tot de voortgang van
de interne organisatie en de overlegsessies met de Franse bonden.
December 2004 is voor het eerst vergaderd op basis van de nieuwe statuten
en vonden dus voor het eerst deelledenraadsvergaderingen plaats.
Begin van het afgelopen jaar was het quorum 24; dit zakte naar 20 in
november.Overleden
Het is verdrietig te moeten constateren dat ons ook in dit jaar weer een
aantal leden en geassocieerde leden is ontvallen.
Overleden lid: mevr. A.E.Wiessing (KLM).
Geassocieerde leden: E. Bokstijn, J.E. Boonstra, J.S.M. Franchimon, S.J.
v.d. Meulen, J.G. Renaud, H.F. Siers, P. Vinkenoog,W.Th. Ballizany, R.
Whelpdale en R.J.P. Bruijn.
 |
ORGANISATIE |
“De laatste fase, de implementatiefase, start zodra
de notaris de conceptteksten gereed heeft. Vervolgens zal de inhoud
hiervan gedeeld worden met de vertegenwoordigers in de ledenraad.
Daarnaast zullen er ledenbijeenkomsten gehouden worden, waarin de plannen
worden gepresenteerd. Uiteindelijk zal de organisatiewijziging per
referendum ter goedkeuring aan de leden worden voorgelegd. Als de leden
hun goedkeuring hebben uitgesproken zijn de nieuwe statuten een feit en
kan begonnen worden aan de invoering van de nieuwe organisatievorm in de
praktijk.”
De planning zoals verwoord in voornoemd citaat uit het jaarverslag 2003 is
in 2004 bewaarheid geworden.
De projectgroep Organisatie VNV die in juni 2002 in
het leven is geroepen, is ook in 2003 voortvarend aan de slag geweest.
Een intensieve klus die uiteindelijk resultaat heeft opgeleverd. 6
December 2004 vond een Algemene Ledenvergadering plaats waarin de
leden de nieuwe statuten hebben bekrachtigd, gevolgd door het
officieel passeren van de nieuwe statuten door de notaris. Tevens is
in voornoemde vergadering het Huishoudelijk Reglement vastgesteld.
Een zeer belangrijke mijlpaal in de 75-jarige historie van de VNV.
De concrete gevolgen van de gewijzigde organisatie zijn onder meer dat
de ledenraad in zijn huidige vorm |

Passeren van de nieuwe statuten |
is opgeheven en de deelgroeperingen van Martinair, Transavia en KLM
separaat vergaderen over de eigen arbeidsvoorwaarden voor de eigen
groepering. Tevens hebben deze groeperingen rechtstreeks invloed op de
benoeming van bestuursportefeuilles KLM-, Martinair- en Transaviazaken.
De voordracht van de maatschappijoverstijgende bestuursleden zal – na een
referendum – worden bekrachtigd tijdens een Algemene Vergadering. De
eerste vergaderingen van de deelgroeperingen tonen overigens aan dat deze
wijziging als positief wordt ervaren.
Voor de kleinere groeperingen (minder of gelijk aan 200 leden), te weten
Air Exel, Holland Exel, Schreiner, Denim Air en KLS zullen
vliegervergaderingen worden gehouden over de arbeidsvoorwaarden waarover
vervolgens schriftelijk wordt gestemd.
Ook staat nu het lidmaatschap – onder beperkte voorwaarden – open voor
leerlingen van opleidingen tot verkeersvliegers. De geassocieerde leden
die werkzaam zijn bij de niet door de VNV erkende luchtvaartmaatschappijen
worden voortaan lid-beroepsvereniging genoemd.
Het jaar 2005 zal in het teken staan van gewenning aan de nieuwe
organisatie; daarnaast zullen mogelijke knelpunten als gevolg van de
wijzigingen worden opgelost. Voorts zal een ‘veegsessie’ worden gehouden
inzake Statuten en Huishoudelijk Reglement om daarmee de puntjes op de i
te zetten.
Samenstelling projectgroep:
H. de Vries
C. Vlooswijk
R. Huizinga
B. Timmer (extern consultant)
In de loop van het jaar bleek dat er geen gebruik meer hoefde te worden
gemaakt van de externe consult.
 |
JUBILEUM |
 |
Dit jaar stond de VNV
in het teken van het 75-jarig bestaan, een gebeurtenis van enige
importantie.
Er werd een jubileum projectgroep in het leven geroepen die gedurende
het jaar allerlei activiteiten ontwikkelde op professioneel niveau. |
Op 7 januari werd tijdens de nieuwjaarsreceptie de aftrap gegeven voor het
jubileumjaar.
IFALPA werd aangeboden een aantal vergaderingen hier te laten plaatsvinden
waarvan men dankbaar gebruikt maakte. Zo werd onder meer een IFALPA
Security meeting ‘onder het dak’ van de VNV gehouden, evenals een
ALR-seminar en een ATS/ADO/AGE-vergadering. De aanwezige deelnemers van
deze bijeenkomsten deelden in de feestvreugde door hen ook een sociaal
programma aan te bieden.
‘Last but not least’werd een seminar georganiseerd met als thema
‘Vervliegt vliegveiligheid?’. Voor dit seminar hielden gerenommeerde
sprekers uit binnen- en buitenland presentaties over dit thema. Ongeveer
200 luchtvaartdeskundigen, waaronder veel leden, namen deel aan het
seminar. Een zeer geslaagde bijeenkomst met als grote initiator Rob van
Eekeren, voorzitter van de VNV VTZ-commissie.
In oktober werd een tweedaagse ECA General assembleevergadering gehouden,
met eveneens een sociaal programma voor de deelnemers.
Ook werd er uiteraard feest gevierd. Onder de bezielende leiding van Cees
van Waart, voorzitter van de feestcommissie, werd het jubileumfeest weer
als vanouds een groot succes.
|

Op 7 september 2005 bestond de VNV 75 jaar |
Voorafgaand aan dit grote feest voor
leden, geassocieerden en genodigden werd een jubileumreceptie gehouden
voor externe relaties in een zeer toepasselijke ambiance, namelijk het
vakbondmuseum ‘de Burcht’ in Amsterdam. Daar overhandigde Edo Brandt
het jubileumboek ‘Leven van de Lucht’ deel II aan de president van de
VNV. Samen met Piet Prins en met ondersteuning van Herma Flipsen is
van de laatste geschiedenis van de VNV een lezenswaardig boek gemaakt.
Het boek werd als jubileumgeschenk aangeboden aan alle leden en
gepensioneerde leden. |
Als bijzondere blijk van waardering voor het vele werk dat veel actieve
VNV-leden voor de VNV en derhalve in het belang van alle leden hebben
verricht, werd een diner georganiseerd in Huis ter Duin in Noordwijk.
Ongeveer 150 mensen gaven gehoor aan deze uitnodiging.
De president maakte van de gelegenheid gebruik om Ron van Mechelen (lid
van de commissie training en beoordeling) een gouden insigne op te spelden
symbolisch voor de waardering van het VNV-werk; de vele actieve leden
kregen dit insigne per post toegestuurd. Ook is er een bronsuitvoering van
het insigne beschikbaar, dat eveneens wordt toegekend volgens bepaalde
criteria aan leden die zich voor de VNV inzetten.
Al met al een waardig jubileumjaar waarin veel mensen een actieve rol
hebben gespeeld en veel (vrije) tijd en energie hebben besteed om het
geheel tot een groot succes te maken.
 |
COMMUNICATIE |
Uitgangspunten voor het
communicatiebeleid van het team De Vries/Van
Zwol zijn openheid, duidelijkheid en tijdigheid.
Deze uitgangspunten – ook verwoord in het jaarverslag 2003 – zijn in 2004
geconsolideerd.
Nieuwsflits
Het middel Nieuwsflits is wederom in 2004 veelvuldig gehanteerd.
Nieuwsflitsen worden uitgestuurd indien er sprake is van belangrijke
actuele informatie waarover de leden snel via een e-mail bericht op de
hoogte worden gesteld.
Op de hoogte (Odh)
Elke maand wordt Odh (mededelingen van het bestuur) opgenomen in Op de Bok
(het groene gedeelte). Tussendoor wordt de Odh elke maand als losse editie
verspreid. Bij belangrijke zaken wordt gebruik gemaakt van Odh extra die
in zwart-wit verschijnt en tussendoor wordt verzonden.
Communicatie met de pers
De VNV wordt door de media herkend en erkend als kenniscentrum op het
gebied van operationele vliegaangelegenheden. In die hoedanigheid is de
president dan ook veelvuldig door de pers benaderd. Ook heeft de VNV zelf
de media benaderd waar het ging om belangrijke zaken in het belang van de
leden. Voorbeelden daarvan zijn: overname KLM door Air France, de Air
Marshals problematiek. Ook buitenlandse media wisten de weg naar de VNV te
vinden.
VNV en internet
In het verslagjaar werd wederom volop gebruik gemaakt van de
communicatiemogelijkheden die het internet biedt. Naast
informatieverstrekking over VNV-zaken aan derden wordt steeds meer
informatie beschikbaar gemaakt voor de leden via de website van de
vereniging.
Tevens werd in toenemende mate gebruik gemaakt van groepsgerichte e-mail.
Een voorbeeld hiervan is de verzending van de losbladige edities van Op de
hoogte per e-mail. Ruim 370 leden kozen inmiddels voor deze mogelijkheid,
die de informatiesnelheid verhoogt en tevens een kostenbesparing oplevert.
Informatie die uitsluitend bestemd is voor de leden werd geplaatst in
gedeelten van de website die exclusief toegankelijk zijn door middel van
het gebruik van een password. Er zijn inmiddels ruim 3.040 leden met een
password.
Leden die toegang hebben aangevraagd tot deze besloten gebieden kunnen
tevens in een aantal forums onderling van gedachten wisselen over door
henzelf te kiezen onderwerpen.
Van deze mogelijkheid wordt volop gebruik gemaakt: ruim 1.100 leden
registreerden zich voor de deelnamemogelijkheid in de forums.
De deelgroeperingen VNV-NA en Holland Exel kregen hun eigen ledenpagina’s.
In het kader van het 75-jarig bestaan van de vereniging werd een speciale
VNV 75 jaar-site ontworpen die gedurende het jaar de met het jubileum
samenhangende activiteiten overzichtelijk weergaf. Voorbeelden hiervan
zijn de vele fotoreportages, waaronder alle 720 tijdens het 75 Jaar
Galafeest gemaakte foto’s.
De inschrijving voor het 75 Jaar Galafeest en het symposium ‘Vervliegt
Vliegveiligheid?’ verliep bijna volledig via de website. De enquêtes
‘Vervliegt Vliegveiligheid’ en ‘Groepscommissie enquête 2004’ verliepen
geheel via de website.
Een greep uit de verdere inhoud van de website:
• Actuele verenigingsinformatie via VNV-Nieuwsflits met optionele
e-mailnotificatie.
• VNV in het nieuws met persberichten en publicaties.
• Een ‘Minipoll’ op de voorpagina van de website.
• Alle edities van Op de hoogte.
• Agenda, notulen en mededelingen ledenraad alsmede alle moties en nota’s.
• VNV-ledenlijst ‘online’.
• De vlieger-CAO’s van de erkende luchtvaartmaatschappijen.
• Informatie van de diverse VNV-commissies.
• Nieuws en informatie over IFALPA, en NASA ASRS.
• Senioriteitslijst KLM-, Schreiner-, Transavia- en Martinairvliegers.
• Een maandelijkse selectie van artikelen uit Op de Bok.
• Een geautomatiseerd rapportagesysteem voor de melding van gebreken in
apparatuur,
faciliteiten en procedures op en rond luchthavens.
• Weer- en NOTAM-informatie.

De VNV-website ontving per week gemiddeld ruim
13.000 bezoekers.
|

|
|
|
Het jaar 2004 kenmerkte zich door een hardere en
zakelijkere opstelling van de KLM Vliegdienst. De grenzen van de CAO
werden opgezocht, het ziekteverzuim werd harder aangepakt en
vliegrestricties werden nauwelijks meer afgegeven. In haar streven de
kosten per werknemer zo laag mogelijk te houden (met als argument dat
naast de blijvend slechte economische omstandigheden in de luchtvaart het
ook noodzakelijk is concurrerend te blijven ten opzichte van de
AF-operatie) leek de loyaliteit van de werknemer het kind van de rekening
te worden. Deze zorgelijke ontwikkeling is door de VNV herhaaldelijk aan
de orde gesteld.
Samenwerking met Air France
De
afwachtende houding van KLM ten aanzien van productieafspraken zorgde voor
een onrustig begin van het jaar. Deze invulling van het Duin &
Kruidberg-akkoord wilde de VNV laten plaatsvinden vóór de
aandelenoverdracht die begin april gepland stond. Uiteindelijk werd het
protocol 19 maart getekend. De overeenkomst behelst afspraken over de
relatieve groei van KLM ten opzichte van Air France, het beschrijft de
definitie van integratie van beide operaties en er is een afspraak gemaakt
over de relatie met de nieuwe holding. Met deze afspraken verleende de VNV
KLM toestemming om de KL-code onbeperkt te laten gebruiken door Air France.
Naar de mening van het VNV-bestuur waren er genoeg waarborgen afgegeven om
de overname niet te blokkeren. Niet lang erna vond de aandelenoverdracht
plaats. Daarmee kwam de zeggenschap over KLM in Franse handen.
Samenwerking met Franse bonden
De onderlinge samenwerking van de Franse bonden verbeterde zienderogen met
het aantreden van het nieuwe bestuur van SNPL in februari 2004. Met het
begraven van de strijdbijl werd een einde gemaakt aan de rivaliteit die
SNPL en SPAC onderling (de twee grootste spelers) tot dan toe aan de dag
hadden gelegd. Dit maakte de weg vrij om een eerste protocol overeen te
komen. Pilot Protocol #1 werd de basis voor een vruchtbare samenwerking
met onze Franse collega’s. Er staan afspraken in over het onderling
uitwisselen van gegevens en het verlenen van wederzijdse steun in geval
van conflicten.
Zeer belangrijk is ook dat alle partijen onderschrijven dat toekomstige
groei op een eerlijke en gelijkwaardige manier zal moeten plaatsvinden. In
2004 is een start gemaakt met een nieuw protocol, het zogenaamde Fence
Agreement. In dat protocol zal komen te staan hoe vliegactiviteiten van
beide werkmaatschappijen gescheiden kunnen opereren zonder dat de vliegers
tegen elkaar worden uitgespeeld. Afspraken zullen gemaakt worden over
productieverdeling. Naast de afspraak hierover die we hebben met KLM is
het van belang dit tevens met de Franse collega’s te doen. En er zullen
gedetailleerde afspraken gemaakt worden over ‘mutual assistance’. Als
voorbereiding op een eventuele integratie van beide operaties worden
tevens processen beschreven om te komen tot één CAO en één
senioriteitslijst. Naar de mening van de VNV onontbeerlijke stappen om een
voor de vliegergroepering acceptabele geïntegreerde operatie te beginnen.
Skyteam
In september 2004 trad KLM toe tot het Skyteam. In dat kader zijn
aanvullende codeshareafspraken gemaakt. Overeengekomen is dat tussen
Schiphol en de hubs van Aero Mexico, Alitalia, CSA Czech Airlines en
Korean Air productie in gelijke mate gevlogen wordt,waarbij in geval van
uitbreiding KLM als eerste een vlucht zal toevoegen. Het maken van
codeshareafspraken voor Delta bleek lastiger. Nog niet duidelijk was wat
de consequentie zou zijn van de Amerikaanse uitbreiding van het Skyteam in
relatie tot de joint venture met Northwest. Daarom zijn voor Delta
tijdelijke routespecifieke afspraken gemaakt.
Bezuinigingen
Ondanks dat de AF/KL-holding over boekjaar 2004-2005 goede eerste
halfjaarcijfers heeft laten zien en de holding aan het groeien is, houdt
KLM vast aan haar voornemen de kosten per werknemer verder te reduceren.
In 2004 is met KLM nog geen overeenstemming bereikt op het gebied van,wat
KLM noemt, de “herstructurering van de arbeidsvoorwaarden”. De perikelen
rond de overname en overvolle agenda’s zorgden voor de grote vertraging.
Wel zijn aan de onderhandelingstafel langzaam de contouren van het
uiteindelijke resultaat zichtbaar geworden. Belangrijke punten waar over
gesproken is, zijn het oprekken van de vliegurenlimiet voor de
ICA-operatie, het structureel maken van de Levantoperatie, het lopen van
de P-check en de problematiek rond het aanwijzen van de gezagvoerder
Fokker 50. Het VNVbestuur heeft zijn, deels daaraan gerelateerde, wensen
ingebracht. Vliegurenlimieten voor deeltijders (ICA en KLC) naar rato, het
verlichten van de Europa tewerkstelling en enkele fiscaaltechnische
aspecten zijn hiervan voorbeelden. Het
VNV-bestuur heeft overigens aangegeven dat niet eerder akkoord gegeven
wordt dan nadat over het hele pakket overeenstemming is.
CAO
Ondanks de strubbelingen rond het Najaarsakkoord (2003) bleef de afspraak
tussen kabinet, werkgevers en vakcentrales om geen structurele
loonsverhoging overeen te komen overeind. In afwachting van verdere
ontwikkelingen destijds is gekozen voor een CAO tot 31 december 2004.
Daags na de start van de onderhandelingen werd bekend dat de KLMdirectie
met Air France een zogenaamde ‘synergiebonus’ overeengekomen was. Zonder
op de details in te gaan kan worden gesteld dat vooral de ongeloofwaardige
uitleg van KLM reden was voor de werknemersorganisaties de
CAO-onderhandelingen te stoppen. Pas nadat de directie afzag van de bonus
zijn de gesprekken hervat. Het resultaat was een eenmalige uitkering van
1% in augustus en een eenmalige bonus van 0,75% in november afhankelijk
van het budgetresultaat over het eerste kwartaal van boekjaar 2004-2005.
Zoals bekend is dit resultaat behaald.
Begin december zijn KLM en de bonden gestart met CAO-onderhandelingen voor
2005 en verder.
Daar ging
nog wel enige rumoerigheid aan vooraf. Uit grote onvrede over de
halsstarrige houding van het kabinet en de werkgeversorganisaties inzake
een aantal belangrijke arbeidsvoorwaarden zoals VUT,WAO, Wet Verlenging
Loondoorbetaling en prepensioen vond in oktober een grote demonstratie
plaats op het Museumplein, georganiseerd door de vakcentrales CNV, FNV en
(VNV-koepel) MHP. De afspraken die daarna met het kabinet overeen zijn
gekomen stemden het VNV-bestuur niet vrolijk. Het is voornamelijk de
afschaffing van het prepensioen dat de vliegers hard treft. De
levensloopregeling lijkt niet meer dan een kleine pleister op de wonde.
Speerpunt voor het VNV-bestuur is dan ook volledige reparatie van de
(pre-)pensioenschade die vanaf 2006 opgelopen kan worden bij ongewijzigd
beleid. Naast een waslijst aan voorstellen van KLM-zijde die gezamenlijk
met de andere bonden zal worden behandeld, zullen de onderhandelingen over
het pensioen waarschijnlijk bilateraal gevoerd worden.
Nieuwe en verdwijnende types
De B747-300 maakte in december 2003 haar laatste vlucht. Hiermee
kwam een eind aan het BWK-
tijdperk. Ook kondigde KLM aan de Boeing 767 vanaf 1 januari 2005 tot
verdwijnend type te verklaren.
In 2004 is het introductieteam A330-200 aan de slag gegaan. De VNV treedt
met het introduceren van een nieuw type met KLM in overleg daar waar het
gaat over de rustgelegenheid en een aantal RVL-aspecten. Over beide zaken
was in 2004 nog geen overeenstemming.
Speciaal voor de A330 is met KLM in het Duin & Kruidbergakkoord
afgesproken dat niet meer dan 25% van de vluchten met drie of meer
vliegers gevlogen wordt. Door die afspraak kan worden volstaan met alleen
een verticale rustgelegenheid. Het door KLM gepresenteerde
productieplaatje liet voor de beginperiode een duidelijke overschrijding
zien. Dit was voor het VNV-bestuur onacceptabel. Een oplossing werd in
2004 nog niet gevonden. |

In 2004 kwam een eind aan het BWK-tijdperk
en daarmee een eind aan de VKB.
Op de foto voorzitter VKB Hans Bastings. |
Introductie CARMEN ICA
KLM kondigde medio 2004 aan het computergestuurde indelingssysteem CARMEN
te gaan introduceren, te beginnen op de 747. Voor wat betreft verzoeken
heeft de VNV aangegeven dat de bestaande afspraken en de dagelijkse
praktijk van uitvoeren niet gewijzigd mocht worden. Hiermee ging KLM
akkoord. Vrij onverwacht zette KLM het systeem begin november in werking.
Naast een groot aantal onvolkomenheden van de programmatuur bleek KLM tot
overmaat van ramp ook nog eens vergeten te zijn de op dat moment bestaande
verzoeken in het systeem te verwerken. De feestdagenplanning van december
werd daardoor totaal overhoop gegooid. Zelden waren er zoveel klachten
over verkeerde indelingen, afgewezen verzoeken (die eerder waren
goedgekeurd) en vermiste dagen op de Rekening Courant. Vanaf december
heeft KLM getracht handmatig de schade zoveel mogelijk te beperken,
overigens lang niet altijd met goed resultaat. Afgesproken werd dat de VNV
als waarnemer aanwezig zou zijn bij overleggen die KLM en de GC-32 zouden
voeren om tot een oplossing te komen. Een gebrek aan bereidwilligheid van
de kant van de Vliegdienst om de kern van het probleem in te zien leek
eind 2004 een snelle en constructieve oplossing in de weg te staan.
|

|
 |
Groei zet door, vliegerbestand blijft achter,
vakantiedagenproblematiek
neemt toe.
Met een CAO-akkoord aan het begin van het jaar normaliseren de
betrekkingen
tussen Martinair en de VNV. Een derde A320 en een zevende MD-11 worden aan
de vloot toegevoegd, een B737 van Miami-Air vliegt tail-ends van Florida
naar Costa Rica en opnieuw speelt inhuur van vliegers een rol om de groei
mogelijk te maken. Ondanks torenhoge kerosineprijzen in kalenderjaar 2004
sluit Martinair het jaar opnieuw met winst af.
CAO-akkoord
Na twaalf maanden tumultueuze onderhandelingen bereiken Martinair en de
VNV op 7 januari om kwart over drie in de ochtend een principeakkoord over
een tweejarige CAO. In februari passeert de CAO de ledenraad, in maart
ondertekenen partijen het hardbevochten akkoord.
Inhuur, vliegersterkte en vakantiedagen
Tot twee keer toe gaat de VNV akkoord met het inzetten van tijdelijke
inhuurkrachten. Tot 31 maart betreft het zes eerste officieren van
Transavia die vanwege langdurig zieken en gewijzigde productie hard nodig
zijn in de B767-divisie.
Vervolgens
wordt in juni formeel toestemming gegeven tot het inhuren van acht
gezagvoerders om de opleidingen die de extra A320 en MD-11 veroorzaken in
goede banen te leiden. Afspraak is hierbij wel dat de
vakantiedagenproblematiek nu eens serieus aangepakt wordt.
Maandelijkse rapportages houden de VNV op de hoogte van de toegekende
vakantiedagen. Met regelmaat wijst de VNV Martinair op de opnieuw
oplopende vakantiedagentegoeden. Ultimo 2004 blijkt er, ondanks alle
inhuur en de mogelijkheid tot het verkopen van vakantiedagen, niet
afgebouwd, maar juist 1.100 dagen opgebouwd te zijn. Het totaal aan
uitstaande vakantiedagen (exclusief het jaarrecht 2005) komt daarmee op
8.604 dagen, oftewel ruim 49 manjaren. Het is de VNV hiermee duidelijk dat
Martinair met structureel te weinig vliegers opereert. De VNV zal dan ook
uitdrukkelijk toezien op naleving van het inhuurprotocol dat in 2005 moet
leiden tot extra gezagvoerders en eerste officieren zolang structurele
afbouw achterwege blijft.
Wetlease Florida-Costa Rica
Gedurende maximaal een jaar zullen de vluchten tussen Miami en San Jose (Costa
Rica) alsmede Orlando en San Jose worden uitgevoerd met een Boeing 737-800
van Miami-Air. Waar Martinair tot 30 oktober van 2004 deze vluchten met de
Boeing 767 zelf uitvoert als verlengstuk – zogenoemde tail-ends – vanuit
Miami en Orlando, is besloten om, ook in de optiek van de VNV valide
redenen, deze tail-ends uit te besteden aan Miami-Air. Mocht blijken dat
de operatie succesvol is, dan kan besloten worden om volgend jaar winter
de tail-end vluchten naar San Jose zelf uit te voeren met een te San Jose
gestationeerd toestel.
Reorganisatie VNV
In 2004 is achter de schermen met man en macht gewerkt aan de
reorganisatie van de VNV-structuur. Eind 2004 is dit jarenlange traject
afgerond. Met name onder de Martinairvliegers leefde een sterk gevoel van
onvrede over de oude LR-structuur. Met de nieuwe structuur van
deelledenraden is dan ook heel uitdrukkelijk tegemoet gekomen aan de
wensen van de Martinairleden.
Het is daarom ook goed om te zien hoeveel elan de Martinairvliegers zowel
in het aantal aanmeldingen voor de Martinair-ledenraad, als in de opkomst
op de eerste ledenraadsvergadering tonen.
Hoewel er met eventuele tijdelijke inhuur wel extra vakantiedagen zijn af
te bouwen, zoekt de VNV naar een structurele oplossing voor dit
structurele probleem.
| Klankbordgroep Martinair |
| F.F. Botman (ass. bestuurslid) |
K.J.C.J. Merks (voorzitter) |
| A.M. Leeman |
R. Polderman |
| A.J.M. de Bruin |
R.B.M. Lampe |
| A.R. van Rijswijk |
G.L.M.G. Tielemans |
| P.N. Groot |
|
|

|
 |
De ontstane onrust over de toekomst van Transavia
sinds de overname van
KLM door Air France heeft men ook in 2004 niet kunnen wegnemen. Met meer
dan een “Voorlopig blijft alles bij het oude” kwam de directie niet.
Tegelijkertijd werden er echter verontrustende uitspraken gedaan
(uitbreiding regiovelden in de Benelux) en soms werden zelfs onverholen
bedreigingen geuit (als niet wordt meegewerkt aan Aanmelden RTM vliegen we
volgend jaar met aanmerkelijk minder vliegtuigen). De stemming was
behoorlijk anti-VNV aan het geraken, hetgeen voor de VNV aanleiding was om
in juni een gesprek met de directie aan te vragen.
Na een pittig gesprek hebben beide partijen de intentie verklaard om
constructief te werken aan een beter overlegklimaat.
De onzekerheid en de daarmee gepaard gaande onrust bleven toenemen.
Dreigende boventalligheid werd middels een stationering, een tweetal
detacheringen en een afkoopregeling voor oudere gezagvoerders voortvarend
aangepakt. Zodanig zelfs dat het vervolgens weer hollen werd om de extra
lange zomerproductie te kunnen uitvoeren.
Verder
baren de door Transavia aangegeven plannen zorg. Zo is aangegeven dat de
webwinkel de core-bussiness is. Er werd zelfs geopperd dat men via de
Transavia website met een concurrerende maatschappij een vlucht zou kunnen
boeken. Ook het verzoek van AF om mogelijkheden voor een operatie in
Frankrijk te onderzoeken lijkt interessant, maar leidde tot onrust toen
werd aangegeven dat dit niet ten goede van het huidige vliegerkorps zou
komen.
Op overleggebied blijft de verhouding zakelijk en ferm. Transavia doet er
alles aan om te bezuinigen, maar gaat daarin wel eens te ver. Iets dat
overduidelijk bleek uit het Medewerkers Tevredenheids Onderzoek.Werd op
hoofdpunten nog redelijk gescoord, de scores op de gedetailleerde vragen
leggen de probleempunten pijnlijk bloot.
Groot pluspunt is de invoering van ANR headsets. Hiermee loopt Transavia
voorop in Nederland. De VNV heeft de indruk dat Transavia zich inzet om
tot een beter overlegklimaat te komen. De CAO van 2005 en verder zal wat
dit betreft de grote testcase zijn.
Pensioenen
Het pensioenfonds beschikte in 2004 over voldoende middelen zodat het niet
noodzakelijk bleek om de premieverhogingen vervroegd in te voeren. De
werkgroep die de actuarieel benodigde premie zou berekenen heeft geen
overeenstemming weten te bereiken over enkele parameters. Het betrof hier
met name de interpretatie van het Financieel Toetsingskader dat per 1
januari 2006 van kracht wordt. Hierover zal in 2005 in overleg met
Transavia verder worden gesproken.
De gevolgen van de overheidsingrepen in de sociale voorzieningen en
pensioenen zijn door een extern adviesbureau in kaart gebracht. De
gegevens zullen worden gebruikt in het CAO-overleg voor 2005 en verder.
CAO 2004
Het CAO-overleg 2004 heeft geleid tot het verlengen van de CAO tot 31
december 2004. Hierbij zijn twee eenmalige uitkeringen afgesproken van
respectievelijk 1% en 0,75%. Beide zijn inmiddels uitgekeerd. Tevens is
afgesproken dat een eventuele structurele loonsverhoging in 2005 niet voor
1 april 2005 in zal gaan. Tot slot is een jumpseatregeling overeengekomen.
Problemen met onder andere de automatisering hebben ertoe geleid dat
invoering hiervan met enige maanden is uitgesteld. Afgesproken is dat
desbetreffende vliegers hierdoor niet zullen worden benadeeld.
PK- en PSC-overleg
Het PK-overleg en het PSC-overleg verliepen ook dit jaar weer in goede
sfeer en harmonie. In dit overleg worden diverse kleine zaken c.q.
WRR-aspecten behandeld. Tevens is een aantal persoonlijke zaken besproken.
De zwaarte van het afgelopen extra lange zomerseizoen baart de PSC wel
zorgen. Met name wordt gekeken of de vliegers na het zomerseizoen wel
voldoende kunnen recupereren omdat ook het winterseizoen steeds drukker
wordt. Het aantal klachten over de tewerkstelling was erg hoog. Daarbij
ging het vooral om forse bioritmenverstoringen. Door het gestegen
ziekteverzuim, mede als gevolg van griep, moesten veel verstoringen door
crewcoördinatie worden opgelost.
Inmiddels heeft Transavia aangegeven een aantal FO’s in opleiding te
nemen.
Afkoop RD-dagen
Het conflict over de afkoop van roostervrije dagen is voorlopig van de
baan. Transavia heeft het gewenste aantal dagen alsnog uitbetaald. Hiermee
is een langdurig en kostbaar arbitrageproces voorkomen.
WRR-afwijkingen en motiveringen
In goed overleg zijn diverse motiveringen verleend onder toekenning van
een compensatie en aanpassing van het schema. In een klein aantal gevallen
werd geen motivering verleend, of werd na een proefperiode de motivering
ingetrokken.
Gezien de weerstand vanuit het korps tegen afwijkingen op heavy crew
vluchten heeft de VNV aangegeven dat vanaf 2005 geen afwijkingen op heavy
crew vluchten zullen worden toegestaan. De zwaarte van de tewerkstelling
van het afgelopen jaar dwingt ons tevens ten aanzien van andere
WRR-afwijkingen de nodige terughoudendheid te betrachten.
Individuele zaken
Diverse collega’s hebben de VNV om hulp en assistentie verzocht. Dit omvat
zaken als fiscaal advies, beoordelingszaken, juridische assistentie bij
ontslag, etc.
In de meeste zaken is een bevredigende oplossing bereikt. De VNV
constateert op dit gebied een duidelijke verbetering in het overleg met
Transavia betreffende individuele zaken.
Klankbordgroep
Doel van deze groep is aan te geven wat er in het korps leeft,
voornamelijk ten aanzien van arbeidsvoorwaarden. Naast de (assistent-)
bestuursleden Transaviazaken omvat de groep nog acht collega’s. In 2004 is
driemaal vergaderd.
| Klankbordgroep Transavia |
| M.C.J.Wildschut |
H.W.Went |
| H.J. Evers |
R. Borsch |
| R.L.M. Nabben |
J.A. Hiemstra |
| S.C.W. Christiaans |
M. Vos |
| E.L. Kwant |
|
 |
 |
Het jaar 2004 stond grotendeels in het teken van
het overleg over marktconforme beloning. Eind 2003 waren de uitgangspunten
daarvoor reeds vastgelegd en waren de benchmarkresultaten bekend. Het
bleek echter geen eenvoudige opgave om te komen tot overeenkomst met
Schreiner omtrent het nieuwe beloningssysteem met daarin de aangepaste
salarissen.
Conflicten, vertrouwensprobleem
Herhaaldelijk vertoonde Schreiner het zogenaamde ‘terugonderhandelen’.
Daarbij werden eerder ingenomen posities bij het onderhandelen later weer
ingetrokken. Dit leidde in voorjaar 2004 tot een conflict dat door
spoedoverleg tussen de CEO van Schreiner en president De Vries werd
opgelost. Later, in oktober 2004, dreigde weer een escalatie doordat CEO
Verloop tegen alle toezeggingen in plots weigerde tot uitbetaling van uit
het benchmarkprotocol voortkomende salarisverhogingen.
Het Actie Informatie Team werd daarop geactiveerd. Alsnog kwam Schreiner
over de brug met implementatie van het nieuwe beloningssysteem. Dit was
echter niet voldoende om het geschonden vertrouwen te herstellen.
Open puntenlijst
De VNV constateerde namelijk dat nog veel zaken uit het verleden niet
juist of volledig waren afgehandeld door Schreiner. Daarbij ging het zelfs
om stukken CAO-tekst van jaren geleden, maar ook om het ondertekenen van
protocollen en het uitvoeren daarvan. Er werd een lijst samengesteld van
deze punten,waarbij in gesprekken met de directie werd neergelegd dat de
VNV niet bereid was te gaan praten over de nieuwe CAO voordat deze lijst
volledig zou zijn afgehandeld.
CHC
In januari gaf de OR zijn goedkeuring aan de overname van Schreiner door
CHC. Bijdrage van de VNV daarbij was de garantie van CHC dat het
uitvloeisel van deze overname geen overtolligheid van vliegers tot gevolg
mocht hebben.
Pensioen
Al in 2003 had Schreiner aangekondigd de vele verschillende
pensioenregelingen tot één nieuwe te willen harmoniseren. Het ambitieuze
tijdpad werd niet gehaald, ook in 2004 is druk dooronderhandeld waarna
eind april overeenstemming werd bereikt. Belangrijk kenmerk werd een
pensioenleeftijd van 58 jaar met de mogelijkheid van een afbouwregeling.
Ook werd afgesproken met Schreiner dat met vliegers die relatief dicht op
de pensioenleeftijd zaten individueel gekeken zou worden naar een passende
overgang van oude naar nieuwe pensioenregeling.
De regeling moest door Schreiner echter nog worden omgezet naar een
reglement vóór het einde van 2004,wat helaas niet is gelukt.
Hems
De
Hemsoperatie is met ingang van 1 januari 2005 beëindigd. In juni 2004 werd
bekend dat de betreffende ziekenhuizen de opdracht aan Medical Air
Assistance B.V. hebben gegeven. Een aantal Hemsvliegers is Noordzeevlieger
geworden. Hierbij heeft de VNV diverse individuele vliegers bijgestaan.
Klein overleg
De vliegercommissie onderging een aantal wijzigingen. Twee leden werden
aangesteld als assistent-bestuurslid van de VNV, Ivar Koster en Erik van
Gelder. Zij hebben hiermee een coördinerende functie gekregen,waarbij
vooral het voeren van klein overleg (werkoverleg) met Schreiner een
belangrijk onderdeel is. Het regelmatig voeren van klein overleg moet
leiden tot het sneller oppakken en oplossen van problemen in de operatie.
Reorganisatie
Eind 2004 kwam Schreiner onverwacht met een reorganisatieplan, dat onder
grondpersoneel banen zou gaan kosten. Na heftig bezwaar van OR en diverse
bonden werd het Sociaal Plan ingetrokken. Er ligt nog wel een
adviesaanvraag bij de OR.
Libië-conflict opgelost
Een langlopend conflict met Schreiner over de toepassing van
de CAO met betrekking tot FW-vliegers in Libië werd in 2004
eindelijk beslecht. Tussen de advocaten werd uiteindelijk een
schikking getroffen.
Het jaar 2004 begon en eindigde heftig voor de
vliegers bij Holland Exel, maar ook voor de VNV. Daarbij stonden de eerste
maanden in het teken van de nasleep van de overgang van het bedrijf Air
Holland naar Holland Exel.
Daarna volgde een korte, relatief stille periode om in september de start
te zien van onderhandelingen om te komen tot een CAO. Het jaar eindigde
met het opschorten van dit overleg.
In januari werd na een inventarisatie beslag gelegd bij een van de
touroperators van Air Holland om zoveel mogelijk achterstallige
pensioenpremies, compensatiegeld en boeterente alsnog veilig te stellen
voor de vliegers. Daarvoor moesten de vliegers individueel een machtiging
afgeven. Hoewel slechts een handjevol daartoe bereid bleek,was het beslag
toch een succes: een substantieel bedrag werd veiliggesteld.
Holland Exel: overgang onderneming of niet?
| Hoewel de overname door Holland Exel van
Air Holland in de ogen van de VNV niet anders gezien kon worden dan
een overgang van een onderneming,waarbij juridisch de
arbeidsvoorwaarden van de overgenomen werknemers mee overgaan, zag
Holland Exel dit geheel anders. Eind december 2003 werden de vliegers
van Air Holland individuele contracten voorgelegd onder het motto
take-it-or-leave-it. De vliegers raakten aldus in één klap hun CAO
kwijt en werden bijvoorbeeld ineens met een proeftijd opgezadeld.
Daarna kwam de juridische strijd tussen de VNV en Holland Exel: de VNV
claimde dat het om een overgang van de onderneming Air Holland ging;
Holland Exel weersprak dat. De VNV bereidde met haar advocaat een
zogenaamde enquêteprocedure |

In 2004 kwam met het faillissement het
definitieve
einde voor Air Holland |
voor om dit aanhangig te maken bij de ondernemingskamer van het
gerechtshof in Amsterdam. Dit werkte als voldoende drukmiddel op Holland
Exel en op 27 januari 2004, na langdurig overleg, sloot de VNV met Air
Holland en Holland Exel een zogenaamde ‘vaststellingsovereenkomst’.
Impliciet erkende Holland Exel met deze overeenkomst dat er met de
overname wel degelijk sprake was geweest van een overgang van een
onderneming.
Garantiefonds en behoud arbeidsvoorwaarden
In de vaststellingsovereenkomst werd geregeld dat door Holland Exel geld
gestort zou worden in de ‘Stichting Garantiefonds Air Holland 1’, dat
later uitkeringen kon doen aan vliegers die aanspraak konden maken op
pensioenpremie uit voorgaande jaren, compensatiegeld en boeterente. Ook
werd de afspraak gemaakt dat de ex-Air Hollandvliegers de
arbeidsvoorwaarden die zij bij Air Holland hadden in de CAO zouden
behouden bij Holland Exel. Hiermee waren de grootste pijnpunten weggenomen
bij de vliegers en keerde de rust enigszins terug. De VNV kon daarop de
aangespannen juridische procedure bij de ondernemingskamer intrekken.
Status van de leden bij Holland Exel
Door de overgang naar Holland Exel en het faillissement van Air Holland
kwam formeel een einde aan de status van volledig lid van de bij de VNV
aangesloten vliegers van Holland Exel. Het VNV-bestuur besloot voorlopig
te handelen alsof de Holland Exel-leden nog wel volledig lid waren. Het
werd echter wel steeds lastiger dat met Holland Exel geen overlegstructuur
bestond. Diverse onderwerpen als het pensioen en de tewerkstellingsregels
konden daarom moeilijk bespreekbaar gemaakt worden.
Erkenning van Holland Exel, CAO-traject
De vliegercommissie slaagde er in de CEO van de Exel Aviation Group, de
heer Prins te overtuigen dat het goed zou zijn om de VNV als
vertegenwoordiger van de Holland Exelvliegers te accepteren en met de VNV
overleg te starten om tot een CAO te komen. Het eerder overeenkomen van
een CAO bij dochterbedrijf Air Exel had Prins blijkbaar toch voldoende
vertrouwen in een goede afloop gegeven. Er werd vervolgens een
overlegtraject afgesproken, verdeeld in aparte besprekingen over werk-en
rusttijden, CAO-mantel met bijlagen en de pensioenregeling. De structuur
werd verder vormgegeven door het benoemen van twee assistent-bestuursleden
voor Holland Exel, Jaap van der Leest en Andy Snikkenburg.
WRR: veel commotie
De grootste tegenstellingen ontstonden tijdens gesprekken over de nieuwe
tewerkstellingsregels. Probleem daarbij was dat het referentiekader
daarvoor nog uit de tijd van Air Holland stamde. Een proef waarbij van
deze regels tijdelijk werd afgeweken mislukte jammerlijk omdat Holland
Exel zich daarbij niet hield aan de afgesproken randvoorwaarden.
Mediaberichten maken veel los
Eind november stokte het CAO-overleg door de arrestatie van de heer Prins.
De VNV wilde tijd om zich te beraden over de ontstane situatie en schortte
daarom het overleg op.
Vervolgens plaatste een journalist een ongenuanceerd artikel in de
Telegraaf,waarin werd gesteld dat de VNV niet bepaald positieve uitspraken
over Holland Exel zou hebben gedaan.
Grootaandeelhouder De Vlieger sprong daarop in door de VNV herhaaldelijk
naar het hoofdkantoor van Holland Exel te gebieden. Uiteindelijk ging de
VNV daarop in, nadat de vorm van deze ‘uitnodiging’ naar behoren werd
aangepast. Het gesprek met De Vlieger en anderen van de directie verliep
redelijk,waarbij concrete afspraken werden gemaakt over continuering van
het overleg in 2005. Hoewel begin 2005 surseance werd verleend aan Holland
Exel blijkt er in touroperator Tui toch nog een financier bereid te zijn
gevonden een doorstart te maken met dit bedrijf. Laten we hopen dat dit
voor de vliegers het geval zal zijn.
|

|

|
De wens om met Air Exel te komen tot collectieve
afspraken over de arbeidsvoorwaarden werd in 2003 krachtig in daden
omgezet. De druk van een kort geding, de oprichting van een
vliegercommissie en uiteindelijk de unanieme uitspraak van de Air
Exelleden voor acties om de wensen kracht bij te zetten, plaveiden het pad
dat leidde tot de eerste CAO in 2004.
Begin 2004 verkreeg het VNV-bestuur van de ledenraad fiat om acties in
gang te zetten,wat via een referendum onder alle leden nog eens werd
bevestigd. Maar pas na de aankondiging van een werkonderbreking in
februari was Air Exel bereid om met de VNV serieus in overleg te treden en
heeft Air Exel er in toegestemd een CAO af te sluiten met de VNV als
overlegpartner en als vertegenwoordiger van de vliegers van Air Exel.
Verloop CAO-overleg
Het heeft lang geduurd voordat er sprake was van enige vooruitgang in het
overleg. De VNV heeft voortdurend bij Air Exel aangedrongen om op de
afgesproken data te overleggen, de vliegers van de vliegercommissie vrij
te spelen voor het overleg en inhoudelijk te reageren op door de VNV
ingebrachte voorstellen.
Na vier maanden intensief onderhandelen sluiten Air Exel en de VNV met
ingang van 6 juli 2004 een CAO met een looptijd van een jaar. De nadruk is
gelegd op de belangrijkste knelpunten: personeelsbeleid, salarissen,
vliegerloopbaan,WRR, inhuur derden, arbeids- en opleidingscontracten en
stationering.
Een inhoudelijke bloemlezing van deze mijlpaal:
De VNV heeft vanaf
het begin het accent van de salarisdiscussie gelegd bij de situatie van de
copiloten. Het resultaat betekent een substantiële verhoging van het
inkomen van deze groep vliegers. Dit wordt bereikt
door
de introductie van de functie senior first officer die gepaard gaat met
een verhoging na drie jaar van het basissalaris met 400 euro. Verder zal
Air Exel het bedrag dat vliegers terugkrijgen van hun opleidingskosten
verhogen naar 15.000 euro en direct na indiensttreding maandelijks over
een termijn van drie jaar terugbetalen. Voorts zal de opkomstvergoeding
worden gelijkgetrokken met die van gezagvoerders. Ten slotte is onder het
kopje inflatiecorrectie afgesproken dat regelmatig overleg met de VNV zal
plaatsvinden over aanpassing van de lonen.
De Werk en Rusttijden Regeling (WRR) biedt de vliegers zekerheid
betreffende hun indeling. Daarnaast wordt duidelijk hoe moet worden
gehandeld bij wijzigingen en ad hoc opdrachten. De indeling van vrije tijd
wordt vier weken van tevoren gepubliceerd. Vluchtopdrachten
zijn zeven dagen tevoren ‘hard’ en daarnaast zijn er afspraken gemaakt
over bewilligen en compensatie voor het vliegen in vrije tijd.
Air Exel biedt binnen zijn bedrijf geen echte carrière aan. Na verloop van
tijd kan men van eerste officier naar gezagvoerder op hetzelfde type
overgaan. Air Exel wil zich absoluut niet vastleggen op kruisomscholingen
(van het ene naar het andere type vliegtuig), hoewel dit incidenteel wel
voorkomt. In de RVL is wel vastgelegd dat de inschaling van een nieuw type
vliegtuig bij Air Exel in overleg met de VNV zal gebeuren.
Om nu toch voor de vliegers enigszins een carrièreperspectief te bieden
heeft Air Exel in samenspraak met Holland Exel – beide deel uitmakend van
de Exel Aviation Group – besloten om voor gezagvoerders een vrijwillige
doorstroming naar Holland Exel mogelijk te maken. De vliegers van Air Exel
zullen dan als juniore eerste officier instromen,waarbij de achteruitgang
in salaris gedeeltelijk zal worden gecompenseerd.
In de bepalingen over freelance krachten en personeel van derden (interchange)
wordt belangrijke bescherming geboden voor de werkgelegenheid binnen Air
Exel en het hanteren en handhaven van het senioriteitprincipe.
Naleving CAO door Air Exel niet goed
Het volgende hoofdstuk in dit boek is er weer een van strijd. Na de zomer
begon de discussie over de naleving van wat was afgesproken. De discussie
ging onder meer over roosters, compensatie bij bewilliging en doorstroming
naar Holland Exel.
De vliegercommissie heeft zoals afgesproken in samenwerking met
specialisten vanuit Air Exel en de VNV in werkgroepverband invulling
gegeven aan tijdens het CAO-overleg niet uitgewerkte onderwerpen,
gesignaleerde knelpunten en uiteindelijk de groeiende discussie over de
naleving van de CAO.
Dit culmineerde in een formele aanzegging door de VNV om de CAO op
bepaalde punten na te leven. De vooruitzichten voor het bedrijf voor 2005
worden aan het eind van het jaar onzeker als blijkt dat een
strafrechtelijk onderzoek loopt tegen een van de directeuren. Begin 2005
wordt het vliegbedrijf volledig stilgelegd.
 |
 |
Het jaar 2004 heeft grotendeels in het teken
gestaan van de onderhandelingen over een CAO. Na een trage start is in de
tweede helft van het jaar flink vooruitgang geboekt. Door het grote aantal
onderwerpen dat een CAO omvat is het helaas niet gelukt om vóór het einde
van 2004 een CAO te kunnen presenteren, maar de verwachting is dat dit in
de eerste helft van 2005 wél het geval zal zijn.
Nadat begin 2004 het nieuwe management van Denim Air compleet was, is in
maart de aftrap gedaan voor het CAO-overleg. Dit moest leiden tot een CAO
voor het gehele personeel van Denim. Bij dit overleg wordt het merendeel
van de vliegers vertegenwoordigd door de VNV. Daarnaast wordt het
grondpersoneel vertegenwoordigd door de Unie, die overigens ook het
groepje OVN-vliegers vertegenwoordigt.
Verloop CAO-overleg
Eerst werd overeenstemming bereikt over de structuur van de CAO. Er is een
onderverdeling gemaakt in hoofdstukken en bijlagen. Per onderwerp wordt
daaraan tijdens het overleg invulling gegeven. De belangrijkste
onderwerpen die afgelopen jaar aan de orde zijn geweest zijn:
- Systematiek van indelen van werk, vrije tijd en
vakantie. Met name het indelen van vakantie heeft de afgelopen jaren
veel onduidelijkheid gegeven en daarom zal dit in de CAO eenduidig
geregeld moeten worden.
- Salarissen. Vanzelfsprekend onderwerp van de CAO.
- Opleidingskosten. Dit hangt nauw samen met de
salarissen. In 2003 is een onacceptabele situatie ontstaan van zeer hoge
opleidingskosten met een laag aanvangssalaris. Dit zal in de CAO anders
geregeld moeten worden.
- Senioriteit/upgrade. Er is geen eenduidig
promotiebeleid. In de CAO worden eenduidige afspraken gemaakt over de
upgrade naar captain en eventuele omscholingen. Het senioriteitbeginsel
zal hiervan deel uit maken.
- Inhuur van derden en inzet van freelance krachten.
- Onderzoek bekwaamheid in functie. Hierin wordt zoveel
mogelijk gewaarborgd dat beoordelingszaken zorgvuldig verlopen en wordt
willekeur bij beoordelingen zoveel mogelijk voorkomen.
Over een groot deel van deze (en andere) onderwerpen is inmiddels
overeenstemming bereikt, maar pas wanneer alle bovenstaande onderwerpen
zijn afgerond zal er sprake zijn van een CAO. In het vervolgtraject op
deze eerste CAO zullen de resterende onderwerpen (zoals bijvoorbeeld
pensioenen) in toekomstige CAO’s opgenomen moeten worden.
Afstemming met ondernemingsraad (OR)
Nu vanaf 2004 het overleg over arbeidsvoorwaarden door de vakverenigingen
wordt gedaan, is het belangrijk om dit goed af te stemmen met de OR. Er is
daarom regelmatig, naar alle tevredenheid, contact tussen OR en de
VNV-delegatie.
Denim Airways
Denim is nog steeds in hoofdzaak een ‘ACMI-provider’ (verhuur van
vliegtuigen met bemanningen aan andere luchtvaartmaatschappijen). Maar het
afgelopen jaar is de, in 2003 gestarte, exploitatie van eigen lijndiensten
flink uitgebreid. Onder de naam van Denim Airways worden er lijndiensten
binnen Duitsland en tussen Zwitserland en Italië uitgevoerd.
VNV-lidmaatschap Denimvliegers
Ook
in 2004 heeft de VNV veel nieuwe Denimleden kunnen verwelkomen, zodat
inmiddels een groot deel van de Denimvliegers lid is van de VNV. Daarmee
laten de vliegers van Denim Air zien dat zij het belangrijk vinden dat zij
door de VNV worden vertegenwoordigd.
Voor de continuïteit en effectiviteit van deze vertegenwoordiging blijft
het noodzakelijk dat een zo groot mogelijke meerderheid van de
Denimvliegers zich aansluit bij VNV.
Het lid worden alléén is echter niet voldoende.
De VNV is een vereniging voor én door vliegers en het is dan ook van groot
belang dat óók Denimvliegers hun bijdrage leveren. In 2004 gebeurde dit
met name door deelname aan de vliegercommissie, welke een flinke
hoeveelheid werk heeft verzet ter ondersteuning van de
CAO-onderhandelingen.
|

|
VNV-NA |
2004 was een turbulent jaar met een uiterst somber
slot: het faillissement van de Dutch Caribbean Airline (DCA) waardoor het
grootste deel van de VNV-NA-leden hun baan verloor, uitgerekend in het
75ste jubileumjaar van de VNV.
Eind
2002 was een groep van 67 Air ALM-vliegers min of meer gedwongen
overgestapt naar DCA; Air ALM was financieel op sterven na dood en DCA
leek de verlosser in bange dagen. De vliegers werden gedwongen een
individueel contract te tekenen en raakten hun CAO kwijt. Op de Antillen
bestaat niet de Wet overgang ondernemingen, dus de vliegers moesten weer
van voren af aan beginnen. Wel slaagde de VNV-NA er in om bij die overgang
af te spreken met de overnemer DCA dat ook in dat bedrijf een CAO zou
worden afgesproken met de vliegers. De totstandkoming daarvan was echter
een uiterst moeizaam proces, mede doordat er een fors conflict bestond
over de interpretatie van de wettelijke WRR. Na veertien maanden
onderhandelen kwam in mei 2004 uiteindelijk het CAO-protocol tot stand.
Een zeer goede prestatie van het VNV-NA-onderhandelingsteam onder leiding
van Sydney Martis (met steun van de VNV) en het bestuur aangevoerd door
voorzitter Anthony Smeets.
Even dreigde een bestuurscrisis omdat niemand bereid leek het
VNV-NA-voorzitterschap op zich te nemen, maar gelukkig meldde Pierre
Isenia zich voor deze post. Zijn bestuur werd helaas al snel
geconfronteerd met de snel verslechterende financiële situatie van DCA.
Ook dit management was er, evenals bij zijn voorgangers ALM, ALM ’97 en
Air ALM financieel niet in geslaagd een gezond bedrijf te runnen. In
september 2004 constateerde de overheidsinstantie Stichting Overheids
Accountantsbureau dat vanaf december 2002 de sociale lasten en
loonbelasting ter grootte van 13,4 miljoen Naf niet waren afgedragen; de
totale schuld werd becijferd op 68,8 miljoen Naf.
Ook operationeel waren er grote zorgen. Reeds in juni uitte de VNV-NA
jegens de Vliegdienst DCA haar bezorgdheid over de technische staat van de
vloot. Dit resulteerde in een vergadering van vliegers, het Departement
van Luchtvaart en DCA waarin werd afgesproken dat er weer een reliability
officer zou moeten komen, en dat de safety afdeling nieuw leven zou worden
ingeblazen, en het opnieuw introduceren van CRM voor alle werknemers.
Hoewel het management deze punten ten uitvoer wilde brengen, gaf het
meteen daarbij aan dat er geen geld beschikbaar was om hierin te
investeren. Begin juli waren er vervolgens twee incidenten met twee
gewetleasde Tristars van Luzair en een incident met een eigen MD-80 van
DCA. Hierop besloot minister Leeflang van Verkeer en Vervoer tot een
diepgaand onderzoek. Van dit onderzoek zal wel niets meer vernomen worden,
omdat in oktober 2004 het doek viel voor DCA. Na jaren te hebben geleefd
tussen hoop en vrees op behoud van een baan stond het grootste deel van de
VNV-NA-vliegers in december op straat. Hoewel er aan het eind van het
verslagjaar geruchten waren dat de Exelgroep en KLM voornemens zijn een
regionale carrier mede gestalte te geven, is daarover in februari 2005 nog
niets concreets bekend. De toekomst van de vliegers en de VNV-NA is
daarmee uiterst onzeker geworden.
Winair-vliegers
Intussen is er ook nog een klein groepje leden werkzaam voor Winair, dat
in 2004 werd overgenomen door de Exelgroep en thans opereert onder de naam
Winairexel.We spreken hier nog steeds over leden, omdat de VNV(-NA) ooit
in Winair een CAO tot stand gebracht heeft.
Aangezien de Exelgroep eind 2004 in zwaar weer terecht kwam, is het ook
voor deze groep onzeker hoe hun toekomsteruit ziet.
 |
LUCHTVAARTSCHOOL
|
Het besluit de KLM Luchtvaartschool niet verder te
vervolgen en de verlenging van de CAO waren in 2004 net zoals in 2003 weer
de belangrijkste zaken bij de school.
Nadat in de zomer van 2003 het officiële ongevallenrapport van de Raad
voor de Transportveiligheid was verschenen, startte het Openbaar
Ministerie een onderzoek bij de KLM Luchtvaartschool om na te gaan of de
school zich ook aan strafbare feiten schuldig heeft gemaakt. Al eerder was
de overlevende vlieginstructeur van het vliegongeval in juni 2000,waarbij
twee leerlingen en een instructeur omkwamen, vervolgd en veroordeeld
wegens dood door schuld. De inval in de school door de politie op 2
september 2003 veroorzaakte veel commotie en onbegrip bij het
KLS-personeel. Aan de periode van onzekerheid over de verdere vervolging
van de school kwam in de loop van 2004 gelukkig een eind door de
beslissing van het OM de school niet verder te vervolgen.
Het effect van dit alles is wel dat de KLS zich bewust werd dat door haar
verzamelde informatie in het kader van een intern onderzoek niet alleen
tegen een vlieger kan worden gebruikt, maar ook tegen haarzelf. In ieder
geval heeft dit ongeval er wel toe geleid dat in het kader van de
verlengde CAO 1 april 2004-31 december 2005 nu een gloednieuwe bijlage is
opgenomen inzake onderzoeken naar vluchtveiligheid,waarin geregeld is dat
een VNV-accident investigator zal worden toegevoegd bij dit soort
onderzoeken. Ook is gewaarborgd dat het onderzoek in principe geen
nadelige gevolgen heeft voor de betrokken bemanning; ook mogen door de
instructeurs afgelegde verklaringen niet in enig andere procedure (b.v.
disciplinaire maatregelen) van de CAO worden gebruikt.
CAO
Al eerder in 2004 werd tussen de bonden (er is één CAO voor het hele
personeel) en de KLS een protocol overeengekomen dat de inpassing van de
Wet Arbeid en Zorg in de CAO regelde. KLS heeft hierin een
werknemersvriendelijke benadering gekozen. Zo houdt men naast het
wettelijk recht op twee dagen kraamverlof ook recht op twee dagen
bevallingsverlof en geldt bij verzorgingsverlof (maximaal tien dagen) een
doorbetaling van 70% van het loon.
Gekozen werd voor een anderhalf jaar durende looptijd – zo loopt het
CAO-jaar weer gelijk met het kalenderjaar.
Financieel ziet deze CAO er heel behoorlijk uit: 2% salarisverhoging
gedurende de looptijd en een eenmalige, gegarandeerde uitkering van 2,5%
in april 2005 in plaats van een winstafhankelijk uitkering.
Gezien de ontwikkelingen op pensioengebied is besloten de eigen
premiebijdrage voor het personeel in dienst voor 1 juli 2003 te houden op
1%, echter zonder financiële compensatie daarvoor. Het vervallen van de
compensatie wordt ondervangen door de bovenmarktgemiddelde structurele
salarisverhoging.
Werknemers in dienst getreden na 1 juli 2003 blijven overigens 5% eigen
bijdrage betalen.
Ook werd de reiskostenvergoeding substantieel verbeterd: ook de groep 0-10
km krijgt een reiskostenvergoeding. Ten slotte werd op het immateriële
vlak de hierboven al aangehaalde bijlage Onderzoek naar vluchtveiligheid
geïntroduceerd.
Reactie achterban
Dit is de eerste gewijzigde CAO in de VNV-geschiedenis die niet meer de
instemming van de VNV-ledenraad behoefde; in december 2004 wijzigden de
statuten en wijzigingen van maatschappijen met minder dan tweehonderd
leden behoeven enkel de goedkeuring van de achterban van de specifieke
deelgroepering. De KLS-instructeurs mochten dus over hun eigen CAO stemmen
en alle instructeurs die hun stem uitbrachten, waren positief.
 |
Professionele zaken |
Het aandachtsgebied van professionele zaken omvat
alles wat met het functioneren van vliegers in de breedst mogelijke zin te
maken heeft.
Het bestuurslid professionele zaken wordt in zijn werk ondersteund door de
commissie Training en Beoordeling en de Aeromedische commissie.
Aandachtsgebieden zijn onder meer:
} Individuele belangenbehartiging
(persoonlijke zaken, melden chef, disciplinaire maatregelen).
} Het trainen en beoordelen van vliegers.
} Beoordelingszaken.
} Human Performance.
} Medische zaken.
} Crew Resource Management.
} Incident stress.
In 2004 zijn onder meer de volgende zaken aan de orde gekomen:
} Individuele belangenbehartiging. Daar
waar nodig werd bijstand verleend in samenspraak met
de afdeling Juridische Zaken.
} Het beoordelingssysteem van Transavia is
geëvalueerd. Transavia heeft aangegeven aandacht
te geven aan de punten die hieruit naar voren zijn gekomen.
} Er is met Transavia in werkgroepverband
gesproken over invulling van bijlage 21 (regeling
onderzoek vluchtveiligheid) en bijlage 24 (regeling gebruik
vluchtgegevensschrijvers).
De werkgroep rapporteert begin 2005 af.
} Bij Martinair is het protocol
loopbaanbegeleiding en promotietraject eerste officieren (bijlage 29)
geëvalueerd. Dit heeft geresulteerd in een verbeterd traject waarin
kandidaten zich beter
kunnen voorbereiden op de command opleiding. Dit traject is in
januari 2005 van start gegaan.
} Er is met Martinair in werkgroepverband
gesproken over de beoordelingssystematiek,waaronder
het beoordelen van niet-technische vaardigheden. Dit proces loopt
door in 2005.
} Bij Transavia en Martinair is een
presentatie gegeven over CIRP (Critical Incident Response
Program). In 2005 zal worden gekeken naar de mogelijkheden om een
zelfde soort programma
bij deze maatschappijen te laten starten.
} Er is in werkgroepverband met KLC
gesproken over toepassing van bijlage 17(a), procedure voor
onderzoeken waarbij de vluchtveiligheid in het geding is.
} Regulier overleg met het Aeromedisch
Instituut.
} Regulier overleg met Inspectie Verkeer
en Waterstaat (zie aeromed.cie).
} Er is een begin gemaakt met het opzetten
van AIRP (Accident and Incident Response Plan).
Wat te doen als VNV bij een accident/incident (opvang, informatie,
communicatie, advies).
Eind 2004 verkeert dit proces in de afrondende fase.
Commissie Training en Beoordeling
De taak van de commissie is drieledig:
} De leden worden ingezet als waarnemer
bij beoordelingszaken. De waarnemer ziet toe op een
correcte procedure en beschermt de belangen van het lid,waarbij het
algemeen belang van
vliegveiligheid zal prevaleren. In 2004 is er zesmaal bijstand
verleend aan vliegers in een
beoordelingszaak. Het betrof voornamelijk vliegers in omscholing.
} De commissie geeft het bestuur
beleidsadviezen over zaken betreffende trainen en beoordelen
(betreffende onder meer elektronische handboeken en Basic Operating
Philosophy).
Er is dit jaar door waarnemers deelgenomen aan werkgroepenbij
Martinair, Transavia en
internationaal.
} Vertegenwoordiging in het IFALPA
HUPER-committee. Er wordt hier IFALPA-beleid voorbereid
aangaande Training/Licensing en Human Performance (alsmede Medical,
zie Aeromed.cie).
In 2004 is twee maal een IFALPAvergadering bijgewoond. Gesproken is
o.a. over audits, ultra
long haul, multi crew pilots license en input gegeven voor
EASA-regelgeving.
De commissie is in 2004 acht maal bijeen geweest.
| Commissie Training en
Beoordeling |
| S.J. Becker - voorzitter |
B.A. Peters, KLM |
| W. Berenschot, KLM |
G.P. van Son, Transavia |
| E.N. de Boer, KLM |
R.H. Spelde, Transavia |
| H.J. van der Heijden |
J.G. Sypkens, KLM (human factors) |
| H.K. Kuipers, KLM |
T.J. Volkers - bestuurslid PZ |
| A.M. Leeman, Martinair |
M.C.A. de Wit, KLM |
| A.P. Meiresonne, Transavia |
|
| T.W.H. Euverman – coördinator |
R.H.C. Poulussen - jur. adviseur |
Aeromedische commissie
Deze commissie houdt zich bezig met medische zaken. In 2004 is
verscheidene malen medische ondersteuning verleend aan leden. Het gaat
hier onder meer om zaken betreffende medische certificatie,
luchtvaartmedische vragen en individuele medische belangenbehartiging.
Internationaal is er vertegenwoordiging in het IFALPA HUPERcommittee (medical).
Deze commissie is in 2004 twee maal bijeen geweest. Er is onder meer
gesproken over medicijngebruik, refractieve oogchirurgie (LASIK), straling
en de luchtkwaliteit aan boord.
Daarnaast vertegenwoordigen twee leden van de Aeromedische commissie
IFALPA binnen het JAA-LSST (medical). Het doel van deze bijeenkomsten is
de keuringseisen up to date te houden. IFALPA is hier als waarnemer (met
stemrecht) vertegenwoordigd.
Er zijn in 2004 drie bijeenkomsten geweest.
Er is regulier overleg gevoerd met de Inspectie Verkeer en Waterstaat. Dit
heeft geleid tot een sterk verbeterde relatie, waarbij een aantal
voorstellen van de VNV is doorgevoerd.
Verder is er gekeken naar arbeidsomstandigheden bij de diverse
maatschappijen, en regulier overleg gevoerd met het Aeromedisch Instituut.
Projecten waar de commissie zich in 2004 mee heeft beziggehouden zijn o.a.:
} Het problematisch gebruik van middelen.
Hierover is een artikel verschenen in Op de Bok.
} Afronding van het onderzoek naar DVT
(reizigerstrombose).
} De start van een onderzoek naar
huidkanker onder verkeersvliegers.
} Active Noise Reduction headsets.
De commissie is zes maal bijeen geweest.
| Aeromedische commissie |
| P.E. Smeele, KLM (voorzitter) |
M. van Dam, KLM |
| M. van Haften, MPH |
T.J. Volkers, KLM |
| B. Hillmann, KLM |
M.C.J.Wildschut, TRA |
| G.K.M. Maat, adviseur |
|
|

|
Vliegtechnische Zaken |
Onder dit aandachtsgebeid vallen de VTZ-commissie,
de Accident Investigation Group (AIG) en de Security commissie. Een
gemeenschappelijk thema verbindt deze drie commissies: veiligheid.
Door het kritisch volgen van de ontwikkelingen op het gebied van wet- en
regelgeving zijn deze commissies essentieel voor de ondersteuning van het
bestuur om daar waar nodig nieuwe conceptwetgeving te beïnvloeden of
bestaande aan te passen. De Schipholwet, de Rijkswet Onderzoeksraad voor
veiligheid (OVV) en proef met air marshals zijn daarvan goede voorbeelden.
Het dagelijkse werk van deze commissies richt zich echter ook op het
volgen van en bijdragen aan nieuwe technische ontwikkelingen of
infrastructuur (VTZ), het meewerken aan onderzoeken van incidenten of
ongevallen (AIG) of het adviseren bij beveiligingsmaatregelen (SEC).
De toenemende betrokkenheid van de VNV in diverse adviezen werkgroepen
bewijst dat de inbreng gewaardeerd wordt en nuttig is. Anderzijds legt dit
flink beslag op de beschikbare tijd en energie van de vele commissieleden.
De motivatie van deze groep is hoog en betrokkenheid groot gebleken; ook
het afgelopen jaar. Het bestuur erkent en waardeert dat.
Commissie vliegtechnische zaken (vtz)
Doel. De commissie Vliegtechnische zaken (VTZ)
beoogt door het vergaren, verwerken en verspreiden van beroepsinhoudelijke
kennis een van de doelstellingen van de VNV te bewerkstelligen,namelijk
het vergroten van de vliegveiligheid waarbij nog steeds een efficiënte
vluchtuitvoering wordt gerealiseerd.
De Commissie VTZ heeft als hoofdtaken:
- Behartigen van vliegerbelangen op vliegtechnisch gebied.
Beïnvloeding van wet- en regelgeving is daarbij een wezenlijk
eindproduct.
- Garanderen en structureren van kennis op vliegtechnisch
gebied binnen de VNV.
- Het inzetten van expertise op technisch gebied in
overlegplatformen die op luchtvaartgebied actief zijn.
De commissieleden hebben zich gespecialiseerd in de aandachtsgebieden
Vliegtuig (ADO), Luchthaven (AGE), Luchtruim (ATS/MET); daarnaast heeft
interne VNV-reorganisatie ook de deelgebieden ‘New large Aircraft’ en
‘Helikopter’ onder de paraplu van VTZ gebracht.
| Commisssie Vliegtechnische Zaken |
| Rob van Eekeren, KLM (voorzitter) |
Eric van Droffelaar, KLM |
| Bart Benard, MPH |
Jan-Willem Heerink, TRA |
| Thomas Bos, KLM |
Jan Rozema, KLM |
| Renault Bosma, TRA, best.lid VTZ |
Wido de Wilde, KLM |
| Robbert Brons, KLM |
|
Organisatie. Negen VNV-leden (zes van
KLM, twee van Transavia en een van Martinair) zijn werkzaam op diverse
types (MD-11; B737, B777 en B747) en vormen samen deze commissie.
De commissieleden hebben zich gespecialiseerd op de aandachtsgebieden
Vliegtuig (ADO), Luchthaven (AGE), Luchtruim (ATS/MET) en twee kleinere
deelgebieden ‘New Large Aircraft’ en ‘Helikopter’.
Overlegstructuur. Het merendeel van de
werkzaamheden wordt via internet thuis gedaan. De commissie vergadert
minimaal eens per kwartaal en voert regulier extern overleg met de
luchthaven Schiphol, de luchtvaartautoriteiten, enkele
luchtvaartmaatschappijen en het Gilde van verkeersleiders.
Leden van de commissie VTZ hebben zitting in de IFALPAcomités Aircraft
Design and Operations, Airport Ground Environment, Meteo en Air Traffic
Services. Ook wordt door VTZ-leden IFALPA of ECA vertegenwoordigd bij de
Joint Aviation Authorities, bij Eurocontrol en bij het International Bird
Strike comité. Intern is er een halfjaarlijks overleg tussen de voorzitter
van de verschillende VNV-commissies. Ten slotte worden de VTZ-leden
betrokken bij specifieke projecten zoals de cross wind werkgroep.
Deze overlegstructuur is gericht op input en output. Dat vereist een
uitstekende afstemming van de individuele VTZ-vertegenwoordigers in die
verschillende overlegplatformen. Daar wordt dan ook veel aandacht aan
besteed. Op deze manier kunnen over een breed front de diverse problemen

Sydney Dekker was een van de sprekers op het
symposium |
worden aangekaart en worden opgelost.
Het netwerk blijkt te werken.
Aandachtpunt 2004 was om middels een grootschalig
(wetenschappelijk) onderzoek boven water te krijgen wat lijnvliegers
ervaren als potentiële valkuilen voor de vliegveiligheid.
De resultaten daarvan zijn in een symposium direct aan de leden
teruggekoppeld. Dat project,‘Vervliegt vliegveiligheid?’ is in
november 2004 door een goed bezocht symposium met succes afgerond en
de verslaglegging is eind december gepubliceerd. |
Aandachtpunt 2005.
Het beleid is erop gericht dat de VNV, door het aspect veiligheid
nadrukkelijk te steunen, een goede balans realiseert in de driehoek
Economie (capaciteit), Milieu en Vliegveiligheid.
Essentieel daarvoor is dat de vereniging op het juiste niveau invloed
uitoefent. In 2005-2006 wordt de luchtvaartwet herzien. We gaan ervan uit
dat de positieve spin-off van het symposium zal zijn dat de VNV ook meer
wordt betrokken bij de herziening van de luchtvaartwet. Voor de
VTZ-commissie is met name de wetgeving rond Schiphol van belang.
Luchthaven: Airport & Ground Environment
Internationaal
De IFALPA-commissie Airport Ground Environment (AGE) houdt zich bezig met
alle aspecten van de uitrusting en regelgeving met betrekking tot
luchtvaartterreinen (Annex 14).
J.N.M. van Eekeren heeft beide IFALPA/AGE-vergaderingen bijgewoond en
diverse onderwerpen geïnitieerd. Actuele zaken zijn onder meer de
onderwerpen: Visual Aids, Runway incursions, Runway braking action, Ground
de-icing, Capaciteit verbetering luchthavens, kwaliteitsbewaking, Rescue
and fire fighting en vogelaanvaringen.
Vanwege de viering van het 75-jarig bestaan van de VNV, is de VNV gastheer
geweest – zoals eerder gemeld – van drie IFALPA technische
commissies,waaronder AGE. Begin november zijn in het conferentiecentrum
van Noordwijkerhout de halfjaarlijkse ATS-, ADO- en AGE-vergaderingen
gehouden. De organisatie daarvoor was in handen van het ex VNV VTZ-lid,
Herman Dikkers.
Het IFALPA Airport Liaison Representative programma (ALR) blijkt
succesvol. Er zijn in het eerste bestaansjaar vijf cursussen gehouden met
in het totaal 200 deelnemers. De laatste cursus is bij de VNV in
Badhoevedorp gehouden. Er waren 33 deelnemers.
Namens de European Cockpit Association (ECA) heeft J.N.M. van Eekeren
zitting in het Steering Comité (SC) Runway safety bij EUROCONTROL. Het
vorig jaar geïntroduceerde ‘action plan on runway incursions’ wordt
inmiddels op de verschillende niveaus geïmplementeerd. De daaraan
gekoppelde training cd heeft een prijs gewonnen in de categorie beste
trainingtool 2004.
Nationaal
De minister van Verkeer en Waterstaat en de minister van Defensie hebben
in 1997 een nationale Commissie Vogelaanvaringen Luchtvaartuigen (CVL)
ingesteld. Namens de VNV heeft Eric van Droffelaar zitting in deze
commissie (zie ook ‘projecten’).
Beleid
Het beleid voor het komende jaar is gericht op het verder invullen van de
VNV/AGE-overlegposities op het gebied van vliegtechnische zaken.
Luchtruim: Air Traffic Services
Internationaal
Afgelopen jaar zijn er twee bijeenkomsten geweest van de IFALPA Air
Traffic Services (ATS) commissie. Alleen de vergadering gehouden in
Noordwijkerhout, in november, is door de vertegenwoordiger van de VNV
bezocht. Een deel van deze driedaagse bijeenkomst is er gezamenlijk
vergaderd met de IFATCA Technical & Operation Committee (TOC), die hier
ook hun jaarlijkse bijeenkomst hielden. Deze gezamenlijke vergadering werd
door beide groepen deelnemers zeer op prijs gesteld en zal
hoogstwaarschijnlijk navolging krijgen in volgende ATS-vergaderingen.
Door organisatorische problemen en personeelswisselingen bij de ECA zijn
er dit jaar geen vergaderingen op Europees gebied geweest van de
ATS-commissie. Afgevaardigde vanuit de VNV was Jan-Willem Heerink.
Op het ATS-gebied is er een groot aantal ontwikkelingen waar vliegers nu
of binnen afzienbare tijd mee te maken krijgen. Diverse onderwerpen werden
het afgelopen jaar besproken, zoals:
} Verdere, wereldwijde implementatie van
RVSM en het monitoren van de prestaties van
RVSM-gecertificeerde toestellen.
} Procedures bij het gebruik van Land and
Hold Short (LAHSO).
} Datalink communicatie.
} Het downlinken van TCAS (RA) informatie
naar controllers.
} Het in overeenstemming brengen van
verschillen in USA en ICAO RT-fraseologie.
} Verdere implementatie van RNP-RNAV en
P-RNAV-naderingen.
} Diverse nieuwe ontwikkelingen op
AFTM-gebied.
Om deze vergaderingen te kunnen bijwonen, zijn in het afgelopen jaar vier
verenigingsdagen gebruikt. Ook voor 2005 staan er weer twee
IFALPA-vergaderingen op de agenda.
Binnen de ECA is inmiddels weer een begin gemaakt met het opstarten van de
ATS-activiteiten, en de eerste vergadering staat voor begin 2005 gepland.
Nationaal
Hoewel er in het afgelopen jaar helaas slechts éénmaal een bijeenkomst
geweest is waar vertegenwoordigers van het Gilde en de VNV elkaar hebben
ontmoet, zijn de contacten met het Gilde van verkeersleiders nog steeds
zeer goed.
Er is tijdens deze bijeenkomst o.a. gesproken over: BZO/Low visibility
operaties, het baan- en stopbargebruik op Schiphol en de problemen met het
foutief vliegen van SID’s.
Het komend jaar willen beide weer regelmatig bijeenkomen. Er staan
voorlopig drie bijeenkomsten gepland voor 2005.
Verder zijn er een tweetal bijeenkomsten bij de LVNL geweest over het
invoeren van nieuwe SID-procedures op Schiphol. Afgevaardigden vanuit de
VNV waren Rob van Eekeren en Jan-Willem Heerink.
Luchtruim: Meteorologie
Internationaal:
Namens IFALPA heeft Jan Rozema deelgenomen aan de METG (de ICAO Europa
Meteorologie groep van de EANPG) in Parijs van 20 tot 24 september 2004.
Hierbij behandelde onderwerpen waren onder meer:
} Verbetering van samenwerking en
integratie van meteorologische voorzieningen met CNS/ATM
(verkeersleiding e.a.).
} Benaming en codering van startbanen van
extreme lengte en vliegvelden met meer dan twee
evenwijdige banen v.w.b. meteorologische sensors (RVR, wind etc.).
} Beperking van informatie (bewolkingstype
e.a.) op SignificantWeather Charts.
} Toekomstige verspreiding van significant
weerkaarten door hetWAFS (World Area Forecast
System) i.p.v. door nationale/ lokale autoriteiten.
} Verlengen geldigheidsduur lange
verwachting (24 uur TAF) t.b.v. ultra lange vluchten.
} Regelgeving v.w.b. automatische
observaties, legalisering van AUTOMETAR.
} Het via ACARS etc. terugsturen van
meteodata van vliegtuigen naar grondstations; verbetering
van numerieke weersverwachtingen.
} Vortex (<vleugeltip>staartwervelingen
van vliegtuigen): metingen en trajectverwachtingen t.b.v.
verminderde separatie.
} Het eventuele nut van rapporteren van
dwars- en staartwindcomponenten; wijze van definiëren,
meten, berekenen en rapportering van wind en gustwaarden.
Tevens heeft Jan Rozema (ook namens IFALPA) deelgenomen aan de PT/METAOP
(Project Team of the METG on Meteorological Parameters for Aerodrome
Operations), Parijs, 23, 24 november 2004.
Hierbij behandelde onderwerpen waren o.m.:
} Definitie, rapportering, middeling,
voorspelling, componenten en beïnvloeding van wind voor start
en landing.
} Voorspelling van RVR.
} Temperatuurinversies op lage hoogte (Low
Level
} Temperature inversions).
} Tekortkomingen v.w.b. rapportering van
stofwolken t.g.v. vulkanische uitbarstingen.
ATS (Air Traffic Services) committee meeting van IFALPA, Noordwijkerhout,
november 2004.
Hierbij behandelde meteorologie onderwerpen waren o.m.:
} Bespreken van rapporten METG/14 en PT/METAOP/13.
} Beëindiging Meteo activiteiten Jan
Rozema in 2006 i.v.m. pensionering.
} Zoeken IFALPA-vertegenwoordiger voor de
AMOSSG (studiegroep automatische met.
waarnemingen).
} Aanwijzen opvolger Jan Rozema (Herve
Fournerat, SNPL).
} Aanwijzen extra IFALPA-vertegenwoordiger
voor WMO (Wereld Meteorologische Organisatie)
WAFSOPSSG (World Area Forecast System Operations Group), 8 tot11
maart 2005, Bangkok.
} Windproblematiek, AUTOMETAR,
vermindering van kwaliteit door automatisering, vortex,
vulkanische as, verlengen geldigheidsduur TAF, landingsverwachting
METAR.
Nationaal:
In de VNV-VTZ-commissie zijn onder meer de volgende
meteorologieonderwerpen behandeld:
} Dwars- en staartwind: gebruik;
definiëring; meetfouten, certificatie e.a.
} Turbulentie en windgedrag bij verstoring
door bebouwing.
} Grenslaagonderzoek.
} Definitie en meting van vertikaal zicht.
Meeste bovenstaande onderwerpen lopen parallel met Commissie
Vogelpoel,Werkgroep dwarswind, Schiphol, Luchtvaartwet en Internationale
groepen.
Vliegtuig: Aircraft Design & Operations
Internationaal
De IFALPA-commissie Aircraft Design & Operations (ADO) houdt zich bezig
met de ontwikkeling van beleid op het gebied van vliegtuigontwerp en de
operatie van verkeersvliegtuigen.
In internationaal verband wordt door de commissie getracht invloed uit te
oefenen op de besluitvorming bij ICAO en overheden, vliegtuigfabrikanten
en luchtvaartmaatschappijen.
Organisaties waar IFALPA-standpunten en advies actief worden verwoord zijn
verschillende ICAO-panels (OPS panel, CAEP, Airworthiness Panel, AWOP,
GNSSP, OCP), JAA-commissies (Operations Sectorial Team, AWO C, Equipment
SC, Performance SC, ATM/CNS SG), SAE S-7 en bij Boeing en Airbus.
Afgevaardigden voor de VNV in de ADO zijn R.C. Brons,W. de Wilde en T.G.R.
Bos.
De junimeeting van de halfjaarlijkse IFALPA ADO-vergadering is door
omstandigheden niet bijgewoond door de VNV. De tweede ADO-vergadering van
2004 is door de VNV gehost in Noordwijkerhout met medewerking van oud VNV
VTZ-lid Herman Dikkers.
Een greep uit de uiteenlopende onderwerpen van afgelopen jaar:
} enhanced vision systemen,
} new large aircraft,
} RNAV/RNP-naderingen,
} Long Range OPS,wake turbulence,
} fire and smoke policies,
} decision-point fuel planning,
} escape procedure review,
} upset training,
} cockpit door monitoring systemen en
} electronic flight bags.
Enkele VTZ-leden zijn afgevaardigden voor IFALPA in de ICAO CAEP en enkele
JAA-werkgroepen (zie projecten en werkgroepen).
VTZ-lid R.C. Brons vertegenwoordigt de VNV in de werkgroep
Windverstoringen Schiphol.
Deze Crosswind Working Group Schiphol heeft als doelstelling om op
Schiphol de start- en landingscapaciteit te verhogen door een beter
baantoewijzingsbeleid. Baantoewijzing geschiedt op basis van wind en
zicht.
De CWG heeft de crosswindoperatie in kaart gebracht. Vooral windmeting is
voor verbetering vatbaar, qua nauwkeurigheid, betrouwbaarheid en
representativiteit.
De input van de VNV is onder andere geweest om vliegveiligheid naast
capaciteit en milieu op de agenda te krijgen; bovendien is door de VNV de
vliegoperationele kant van de dwarswindoperatie en het
baantoewijzingsbeleid belicht.
In 2004 is tevens zitting genomen door de VNV in een werkgroep, ingesteld
door IVW, ter ontwikkeling van criteria ter beoordeling van windeffecten
ten gevolge van nieuwbouw op en rond Schiphol. Net als bij de crosswind
working group speelt deze werkgroep een voortrekkersrol aangezien
nationaal en internationaal niets is geregeld in dit verband. Medio 2005
dient een onderbouwd criterium te zijn ontwikkeld voor de gewijzigde
luchtvaartwet.
Joint Aviation Authorities (JAA)
Performance sub committee
Thomas Bos vertegenwoordigt IFALPA binnen de JAA Performance Subcommittee.
De Performance Subcommittee is verantwoordelijk voor JAR-OPS-wetgeving op
het gebied van de vliegtuigprestatieleer.
Een van de grootste projecten van de afgelopen jaren binnen de JAA
Performance Subcommittee was de harmonisatie van operationele wetgeving
van respectievelijk de Amerikaanse FAA en de Europese JAA/EASA, evenals
een algemene aanpassing van operationele wetgeving en afstemming daarvan
op relevante certificatievoorschriften, zoals FAR-25 en JAR/CS-25.Mede
door de inspanning van IFALPA zijn een aantal voorgestelde wijzigingen
aangepast en meer in lijn met de wensen van de vliegergemeenschap
gebracht.
Recent zijn ter ondersteuning van de wijzigingsvoorstellen zogenaamde
Regulatory Impact Assesments (RIA) gemaakt, teneinde de JAA OST
(verantwoordelijk voor de acceptatie van de voorstellen) te voorzien van
een schatting van de economische gevolgen voor de luchtvaartgemeenschap.
Afgezien van een aantal kleine wijzigingen wordt het merendeel van de
voorstellen door IFALPA ondersteund.We verwachten dat binnen afzienbare
tijd de amendering voor publiek commentaar gepubliceerd zal worden.
Een ander aandachtspunt van de JAA Peformance Subcommittee is het opnieuw
bekrachtigen van de JAA Standard Weights Study Group (SWSG) teneinde op
Europees niveau tot nieuwe standaardgewichten voor passagiers te komen. De
huidige gewichten komen niet overeen met de praktijk en zijn veelal
gebaseerd op verouderde surveys.
JAA Equipment Steering Group
Vliegtechnische zaken-lid Wido de Wilde vertegenwoordigt IFALPA ADO en de
ECA binnen de JAA Equipment Steering Group. De EQSG is verantwoordelijk
voor aanpassingen in JAR-OPS 1 betreffende twee hoofdstukken m.b.t.
instrumenten, navigatie- en nooduitrusting.
Afgelopen jaar heeft hij twee bijeenkomsten bijgewoond in Berlijn en Rome.
Belangrijkste onderwerpen van het afgelopen jaar betroffen een wijziging
in de voorschriften voor HF Equipment voor Short Haul operaties, nieuw
voorgestelde eisen voor Distress Signalling Equipment, het officieel
toestaan van Loop Belts en Car Seat Belts voor kinderen onder twee jaar en
voorstellen voor Data-Link Communication Recording door de Flight Data
Recorder.
Projecten en werkgroepen
Engineering Sciences Data Unit (ESDU)
De Britse Engineering Sciences Data Unit is een organisatie die diverse
engineering methodes ontwikkelt voor toepassing bij technische ontwerpen
dan wel technische analyses. De betreffende methodes worden ontwikkeld
uitgaande van de laatste wetenschappelijke en technische kennis ten
aanzien van een bepaald onderwerp. Binnen de luchtvaart is toepassing van
de betreffende methodieken in diverse deelgebieden terug te vinden. Zo
zijn bijvoorbeeld de JAA/CS-25 certificatie voorschriften ten aanzien van
vliegtuigprestaties op ‘wet’ en ‘contaminated runways’ grotendeels
gebaseerd op ESDU-methodes.
Thomas Bos is op dit moment lid van de ESDU Performance Committee. Deze
commissie ontwikkelt methodes op het gebied van de vliegtuigprestatieleer.
Op dit moment wordt onder meer aandacht gegeven aan risicoanalyses van
reduced thrust operations en wel met name kritieke situaties ten aanzien
van obstacle clearance bij een motorstoring.
Ook belangrijk is de validatie van het verschil tussen ‘gross’ en ‘net’
performance en wel met name de verschillen tussen twee-, drie- en
viermotorige vliegtuigen.
Ten slotte wordt gewerkt aan de ontwikkeling van een semi-empirische
methode waarmee met een redelijke mate van betrouwbaarheid een verband kan
worden gelegd tussen frictiewaardes zoals deze gemeten worden met
verschillende frictiemeters en de actueel ondervonden vliegtuigprestaties.
Helikopteroperaties boven de Noordzee
Het afgelopen jaar heeft een Taskforce toegezien op de implementatie van
de in 2003 opgestelde aanbevelingen om de veiligheid van
Helikopteroperaties boven de Noordzee te verbeteren. Nico Oord heeft
namens de VNV zitting in deze Taskforce.
De testfase van de verschillende radio’s is afgerond en het wachten is nu
op plaatsing van de radiosets in het gebied waar het meest wordt gevlogen,
het Genofic gebied en op de meest bevlogen routes.
Vanaf 2007 worden de nieuwe NH-90’s van de Koninklijke Marine operationeel
voor SAR-taken.
De classificatie van het luchtruim is nog wel een punt van discussie, maar
class D lijkt op dit moment het maximaal haalbare, waarmee in de toekomst
toch een adequate ATC-service geleverd kan worden. Het wordt dus class D
en hoewel de Taskforce geadviseerd heeft een hogere classificatie (F) te
realiseren, gaat zij akkoord. De vereiste radiodekking kan al snel
ingevoerd worden.
Door toepassing van een multilateratiesysteem zal, met behulp van speciale
transpondertechnieken, in plaats van geadviseerde primaire radardekking,
een acceptabele secundaire radardekking worden verkregen.
IFALPA Airport Liaison Representative programme
(ALR)
In 2002 heeft IFALPA besloten tot het instellen van een IFALPA ALR. De
bedoeling is dat leden van vliegerverenigingen deze ALR-cursus volgen. Een
voorwaarde voor deelname is zij zich willen inzetten voor het leveren van
operationele input en bouwen aan een goede verstandhouding tussen de
luchthavenautoriteiten en de vliegergemeenschap door een dialoog te
starten met specifieke luchthavens.
Naar verwachting zal die dialoog leiden naar een betere en veiligere
luchthavenoperatie. De cursus beslaat in hoofdzaak wet- en regelgeving
zoals aangegeven in annex 14 en de cd daarvan wordt ter beschikking
gesteld aan de cursisten.
Momenteel zijn er zes ‘tutors’waaronder een VNV-lid. De eerste successen
van de ALR zijn inmiddels binnen. Zo wordt bij de uitbreiding van Wenen
luchthaven een zogenoemde ‘perimeter taxiway’ aangelegd zodat het kruisen
van de baan niet nodig is. Voorts zijn de collegae in Portugal actief en
hebben nu structurele gesprekken met de luchthavens. In Helsinki is de
vliegervereniging actief betrokken bij de vernieuwing van de luchthaven.
Niet onvermeld mag blijven dat mede door de inbreng van de VNV ook
Schiphol investeert in het verder verhogen van de vliegveiligheid.
Steering committee on runway safety en Runway
Incursions
Namens IFALPA heeft Rob van Eekeren zitting in de Eurocontrol operations
working group (WG) en het steering committee (SC) on runway safety. De WG
is te Brussel viermaal bijeengekomen en het SC eenmaal.
Na de publicatie van het action plan on runway incursion was 2004 het jaar
van de implementatie. Vanuit de WG en het SC zijn dan ook diverse
initiatieven genomen om autoriteiten en andere organisaties, zoals IATA,
te stimuleren bij het implementeren van de aanbevelingen van het action
plan. Het afgelopen jaar werd ook de airports conference gehouden in het
gebouw van het Europees Parlement int Brussel. Deze driedaagse conferentie
werd bezocht door ongeveer 400 afgevaardigden van de diverse organisaties.
Namens IFALPA hield Rob van Eekeren een presentatie over Runway incursion
en nam deel aan de expert panel discussie.
Een door hem geschreven artikel over runway incursions werd geplaatst in
het IFALPA magazine Interpilot.
Commissie Vogelaanvaringen Luchtvaartuigen (CVL)
Op 1 september 1997 hebben de ministers van Verkeer & Waterstaat en van
Defensie een Nationale Commissie Vogelaanvaringen Luchtvaartuigen (CVL)
ingesteld. Het doel van de CVL is de minister(s) gevraagd en ongevraagd te
adviseren aangaande maatregelen ter beperking van de risico’s van
aanvaringen tussen vogels en luchtvaartuigen.
De CVL wordt voorgezeten door de IVW en hierin hebben zitting
vertegenwoordigers van de Koninklijke Luchtmacht, het ministerie van
Landbouw & Visserij, LVNL, Amsterdam Airport Schiphol, KLM, de
Vogelbescherming Nederland, de vereniging van Nederlandse Luchthavens en
de VNV.
Een operationele inbreng van vliegerzijde wordt door de commissie van
belang geacht. Hoewel ook de Nederlandse luchtvaartmaatschappijen hierbij
belang hebben,wordt deze operationele input alleen door de VNV geleverd.
VTZ-commissie lid Eric van Droffelaer maakt deel uit van de CVL.
Accident Investigation Group
De AIG bestaat uit een groep van ongeveer twintig leden die hun dagelijkse
werkzaamheden hebben als verkeersvlieger bij luchtvaartmaatschappijen
waarmee de VNV een CAO heeft afgesloten. Deze vliegers hebben een
opleiding tot ongevalonderzoeker gevolgd conform de normen die IFALPA
hieraan stelt. Zij hebben tot taak hun expertise te leveren bij een
vliegveiligheidsonderzoek indien de Raad voor de Transportveiligheid
daarom verzoekt of bij een luchtvaartmaatschappij volgens de geldende
afspraken.
Twee vliegers hebben in 2004 een opleiding tot incidentonderzoeker gevolgd
bij een instituut in Nederland. Deze opleiding heeft bewezen het gewenste
niveau te bezitten om op gelijkwaardig niveau mee te kunnen werken in een
incidentonderzoek.
Tevens is gebleken dat de cursus een goede aanvulling is voor de opleiding
tot accident investigator. In 2005 zullen weer twee vliegers de
gelegenheid krijgen deze opleiding te volgen.
Oud-voorzitter Hans Marijnen, die een functie bij de Kamer Luchtvaart van
de RvTV heeft aanvaard, is weer (tijdelijk) tot de AIG toegetreden als
investigator.
De AIG heeft in 2004 deelgenomen aan diverse onderzoeken van de Raad voor
de Transportveiligheid. Bij de deelname wordt de AIG-onderzoeker namens de
gehele vliegergemeenschap ter beschikking gesteld aan de Raad en werkt hij
onafhankelijk van de VNV mee aan het onderzoek. Hiermee wordt aan de
vliegergemeenschap een signaal afgegeven dat de VNV al het mogelijke doet
om het veiligheidsonderzoek onafhankelijk en objectief te laten
plaatsvinden.
De AIG heeft in 2004 bij de RvTV meegewerkt aan het
vliegveiligheidsonderzoek van de volgende ongevallen:
} Botsing van een Easy jet B737 met een
lichtmast op Schiphol, op verzoek van BALPA.
} Ongeval van een Turkse MD80 op vliegveld
Eelde.
} Serious |